Sites voor Smartphones
Laatste update Blogs: 12 maart 2024.
blauwe lijn
Onderwijsportaal
Index Blogs Onderwijsportaal.nl Contact
Blogs voor vakdidactiek
Onderwijsportaal > Blogs-vakdidactiek > De namen van leerlingen leren Tips?
blauwe lijn

De namen van leerlingen leren

Datum: 8 augustus 2023
 

Achtergrondinformatie zie: "Zeven Invalshoeken voor Vakdidactiek"

Samenvatting
Als het gaat om mentale modellen van docenten, dan gaat het over de voorstelling die docenten zich maken van begrippen en situaties. Datzelfde geldt voor een vaardigheid waar elke docent over dient te beschikken. Die vaardigheid is het leren onthouden van de namen van leerlingen bij aanvang van het nieuwe schooljaar. Dat aantal wisselt vaak, maar het kan zijn dat iemand aan het begin van het schooljaar een paar honderd nieuwe namen moet leren.

Elke leraar moet zelf een strategie ontwikkelen om de namen te leren. Aansluitend moet hij of zij de namen repeteren en checken of de namen er goed inzitten. Een incidentele inventarisatie onder leraren levert een frappant aantal verschillende strategieën op. Dit is geen uitputtende lijst. Daarvoor is systematisch onderzoek nodig naar alle varianten.

Voorbeeld 2.a bij blog nummer 2:
"
Beschrijven van de mentale voorstelling die docenten hebben van hun vak"

De namen van leerlingen leren

Als docent begin je elk schooljaar met groepen leerlingen die je nog niet eerder gehad hebt. Allemaal nieuwe leerlingen met namen die je nog niet kent. Voor elke leraar ligt er de taak om zo snel mogelijk de namen van die leerlingen te leren. Ik heb bij de nascholing vakdidactiek regelmatig gevraagd hoe docenten dat doen. Hoe weet je welke naam bij welke leerling hort en hoe controleer je jezelf of je alle namen correct kent. Daar blijken heel verschillende strategieën voor te zijn.

1 Hoe leer je de namen van leerlingen uit je hoofd?
Allereerst, er is een verschil door de wijze waarop de schoolleiding de namen aanlevert. Soms krijgen docenten een alfabetische lijst met namen van elke klas voorgelegd. Soms is die voorzien van een rijtje fotootjes voor de herkenbaarheid. Soms zijn de leerlingen al gerangschikt op zitplek in de klas, bijvoorbeeld op basis van de autobusopstelling. Een enkele keer is de klasindeling ook al aangevuld met fotootjes van de leerlingen.

1.a Ik krijg een alfabetische lijst met namen
Enkele reacties van docenten die een alfabetische lijst met namen krijgen:

- De namen van de leerlingen zet ik alfabetisch in mijn agenda. Elke les neem ik die lijst voor me om vragen te stellen aan een naam die ik nog niet ken. Als er een naam bij zit van een leerling die ik inmiddels ken, sla ik die over en zoek naar een naam die ik nog niet ken. Net zolang tot ik ze allemaal ken.

- Ik maak een plattegrond met namen waar de leerlingen zitten en die gebruik ik om vragen te stellen. Ik vertel ze dan dat ze voorlopig op die plek moeten blijven zitten tot ik alle namen ken.

- Als ik er een lijst met foto’s bij krijg, is het wat makkelijker om thuis nog even te oefenen met de namen en de gezichten.

1.b Ik krijg een plattegrond met de namen van de leerlingen in de klas

- Die plattegrond gebruik ik om vragen te stellen. Ik kijk naar een leerling, kijk op de plattegrond hoe die leerling heet en ik stel dan een vraag en noem zijn of haar naam.

- Als het mag, neem ik een foto van de klas, zodat ik later nog eens kan kijken welk gezicht bij welke naam hoort.

- ‘s Avonds probeer ik de namen te onthouden van die leerlingen door de lijst te pakken en te kijken welke gezichten erbij horen.

- ’s Avonds bekijk ik eerste de lijst en probeer me de gezichten erbij voor te stellen, daarna vouw de lijst dubbel en dan probeer ik uit mijn hoofd de rijen langs te gaan, de namen te noemen en de gezichten erbij te halen.

- ’s Avonds probeer ik me de gezichten van de kinderen voor te stellen hun namen te noemen en als ik ze niet weet, kijk ik even op de plattegrond.

1.c. Ik heb geen plattegrond nodig

- Ik maak zelf een plattegrond. Ik vraag iedereen zijn voor- en achternaam te noemen, die namen noteer ik. Als de naam slecht verstaanbaar is, vraag ik of die willen spellen. Zodoende heb ik direct al contact met de leerlingen, een voor een. En door ze zelf op te schrijven leer ik sneller een verbinding te leggen tussen een gezicht en een naam.

- Ik maak een plattegrond met alle voor- en achternamen. Dan geef ik ze een opdracht om uit te voeren, waar ze tien minuten mee bezig zijn. Inmiddels probeer ik alle namen te leren. Ik check het even als ze de opdracht gereed hebben door alle leerlingen om beurten aan te wijzen en hun naam te noemen.

- Als ik die plattegrond maak, probeer ik direct de naam te onthouden. Ik repeteer dan ook de naam van de vorige twee die ik heb opgeschreven. Als alle namen op papier staan. zeg ik “Zo, ik zal eens kijken hoeveel namen ik al weet.” En dan probeer ik zoveel mogelijk leerlingen bij naam te noemen.

- (Repeteren in de avonduren, kan hier ook als aanvulling gebruikt worden).

1.d Ik krijg een indeling van namen met foto’s van de kinderen.

- idem als bij een plattegrond met namen, maar iets makkelijker.

2 Hoe controleer je of je alle namen kent?
Na verloop van tijd is het mogelijk om te controleren of je alle namen kent. Het is vervelend als er na een paar weken of een maand nog leerlingen zijn die je niet aan een naam kunt koppelen. Enkele reacties van docenten op die vraag waren:

2.a Hoe verloopt de tussentijdse controle op ontbrekende namen?

- Uit mijn alfabetische lijst met namen kies ik er een, ik noem die naam en ik controleer of ik de goede leerling uit de klas aankijk.

- Ik ga die eerste weken bij de deur staan als de leerlingen binnen komen en dan probeer ik bij elke leerling de naam te bedenken. Als ik hem niet weet, kijk ik later even in mijn papieren.

- Ik leer zowel voor- als achternaam, want als ik de voornaam niet meer weet, dan helpt de achternaam me soms weer op het goede spoor.

- Als ik een naam niet weet, dan zoek ik die op en stel ik die leerling een paar keer een vraag waarbij ik zijn naam noem.

2.b. Hoe check je jezelf op je kennis van alle namen?

- De eerste keer dat ik de proefwerken terug geef, moet ik iedereen zijn eigen proefwerk kunnen geven.

- Ik geef mezelf strafpunten als ik bij de binnenkomst (of bij het uitdelen van de proefwerken) de namen niet ken.

- Ik verplicht mij zelf om na een paar lessen iedereen hardop bij naam te noemen in de klas onder het motto: “Eens kijken of ik alle namen nu ken”. Eerst op de volgorde waarin ze zitten en daarna door de leerlingen kris kras aan te wijzen en hun naam te noemen.

- Als ik na vier weken de namen nog niet allemaal ken, vind ik het gênant om leerlingn te vragen naar hun naam. Dan geef ik het op en wijs ik die leerling wel aan als ik die een vraag wil stellen.

Alle blogs over de zeven invalshoeken van vakdidactiek
In totaal zijn de volgende blogs verschenen, waarin de zeven invalshoeken voor vakdidactiek successievelijk terugkomen. Bij een aantal blogs zijn een of meer voorbeelden toegevoegd. Daarnaast is er een blog met achtergrond informatie over de zeven invalshoeken waarin onderdelen nader uitgewerkt of toegelicht staan om veelvuldige herhaling te voorkomen.

De zeven invalshoeken voor vakdidactiek (achtergrondinformatie):

  1. Becommentariëren en verbeteren van bestaande lesprogramma;
  2. Beschrijven van de mentale voorstelling die docenten hebben
    van hun vak;

    - Voorbeeld 2.a De namen van leerlingen leren;
     
  3. Expliciteren van het instructieproces tijdens het onderwijs;
    - Voorbeeld 3.a De vele talen van de wiskunde;
    - Voorbeeld 3.b Goed lezen bestaat uit drie onderdelen;
    - Voorbeeld 3.c Het verborgen pad;
    - Voorbeeld 3.d Het gebruik van eenheden;
    - Voorbeeld 3.e Verpleegkundig rekenen bijvoorbeeld;
     
  4. Stimuleren van de motivering van leerlingen door de vorm
    van het lesaanbod;
  5. Bevorderen van de zelfsturing van leerlingen door eigen
    organisatie van het onderwijs;
  6. Analyseren van de problemen die leerlingen hebben met de stof;
    - Voorbeeld 6.a Rekenen met procenten;
     
  7. Onderzoeken welke mentale modellen leerlingen ontwikkelen
    en toepassen;

    - Voorbeeld 7.a Onderzoek via hardop-denk-sessies;
    - Voorbeeld 7.b Op zoek naar gokstrategieën.
    - Voorbeeld 7.c Wanneer ken je een hoofdstuk?

Persoonsgegevens
Fons Vernooij was Vakdidacticus bedrijfseconomie en algemene economie bij het ILO in Amsterdam en is nu met pensioen. Hij beheert de website vakdidactiek.nl als onderdeel van zijn website onderwijsportaal.nl. Vanwege zijn achtergrond zijn veel voorbeelden ontleend aan de economische vakken.

Als vakdidacticus voerde hij in 1993 een promotieonderzoek uit. Zie: Vernooij, F., (1993), Het leren oplossen van bedrijfseconomische problemen. Proefschrift, te vinden op vakdidactiek-bedrijfseconomie.nl.

Deze blogs zijn een uitvloeisel van zijn artikel “Een mentaal model van vakdidactiek”, dat is verschenen in het blad Factor D (didactiek), veertigste jaargang, nummer 2 uit 2022. Dit artikel is te downloaden via www.fons-vernooij.nl/documenten/een-mentaal-model-van-vakdidactiek.pdf.

 
blauwe lijn
 
blauwe lijn
Mocht u willen reageren of zelf een bijdrage leveren,
dan kunt u contact opnemen met de webmaster: Fons Vernooij.
 
blauwe lijn
Onderwijsportaal  |  Particulier Onderwijs Nederland
blauwe lijn
Begin  |  Sitemap onderwijsportaal  |  Informatie
blauwe lijn
Copyright © 1998 by Fons Vernooij en anderen.

Wij volgen de Google-policy (kijk op Hoe Google uw gegevens gebruikt).
Registratienummer V.O.F. Adviesbureau CASA: KvK Rijnland: 58884114 / BTW# 8532.22.
Dossiernummer Stichting Onderwijsportaal: KvK Rijnland: 28092786 / BTW# 106.36.025
E-mail: Webmaster.

Info over privacy en cookies: zie Privacybeleid
Leveringsvoorwaarden zie bijgaand document

 
Vakdidactiek
Blogs Vakdidactiek